|    Registreren
   

foto copyright Scott MatthewScott Matthew - Gallantry's Favorite Son: andere paden

Als je vorige album de wel erg lange titel 'There Is an Ocean That Divides and with My Longing I Can Charge It with a Voltage That's So Violent to Cross It Could Mean Death' meekreeg, is 'Gallantry's Favorite Son' een wat tegenvallende denominatie misschien. Waar het natuurlijk echt om draait, is de muziek op de plaat. Zet Scott Matthew de lijn verder waarbij zijn rijk georkestreerde geluid hangt tussen een wat ingetogener Jens Lekman en The Divine Comedy? Haalt hij opnieuw het hoge niveau van zijn voorganger? Weet hij ons nog steeds te beroeren en ontroeren?

Wat meteen opvalt bij de eerste nummers, is dat Scott Matthew heel wat spaarzamer omspringt met de muziek, waardoor piano en gitaar wat meer op de voorgrond treden, of zoals in 'Felicity' het gefluit. Daardoor past hij zich wat meer in in de traditie van de singer-songwriters die tegenwoordig het mooie weer maken. Toch blijven het erg toegankelijke liedjes, die op een druilerige regendag niet zouden misstaan op de radio, om iedereen een klein beetje vrolijker te maken. Ook de spaarzame toetsen in 'Duet' maken een ingetogen indruk en de melancholie wordt nu wel heel erg dik in de verf gezet. Het klinkt allemaal Britser dan Jarvis Cocker of The Kinks, al zijn de teksten universeler dan dat. Erg veel zelfvertrouwen spreekt trouwens niet uit die lyrics, en over 's mans zelfbeeld zullen we het maar beter niet hebben.

Nadat met 'Buried Alive' enige tekenen van verveling beginnen op te wellen, wordt gelukkig tijdig een ander register opengetrokken in 'Devil's Only Child' waarin we zouden zweren dat Neil Hannon van The Divine Comedy de plaat gekaapt heeft. Daarna gaat het tempo weer wat omlaag, en de teksten worden er opnieuw niet vrolijker op. Bijna grijpen we naar antidepressiva, maar kijk eens aan: Scott Matthew gaat ons overtuigen van 'The Wonder of Falling in Love', en daarvoor duikt hij opnieuw in het register dat we al enkele keren hierboven beschreven. Wie eens een origineel nummer zoekt om zijn vlam de liefde te verklaren, komt hiermee natuurlijk nooit bedrogen uit. Zeemzoet maar net niet óver de grens, zo durven wij stellen.

'Seedling' kan ons ook na enkele luisterbeurten niet overtuigen, is trivialer dan 'Buried Alive' en mocht van ons gerust achterwege gelaten worden. Gelukkig wordt het gevolgd door 'Sweet Kiss in the Afterlife', waarin de zanger al uitkijkt naar wat er na dit leven kan komen. Afgesloten wordt er met 'No Place Like Hell' waarin de geest (en stem) van Elvis Costello (de rustige versie, niet de angry young man) rondwaart.

Samenvattend kunnen we stellen dat Scott Matthew wat andere paden bewandelt dan op zijn fantastische voorgaande plaat, dat hij dat niveau niet weet te herhalen, dat het een erg wisselende plaat is geworden met genoeg mooie nummers en slechts een enkele tegenvaller. En dat 'less is more' in dit geval toch niet opgaat...

Score: 3,5/5

Door Sven Volckerijck


Scott Matthew website

Album verdeeld door Munich Records

De Ongeletterde Wanhoop, de eigen blog van onze redacteur Sven

Dit artikel delen met je vrienden?

 

Share/Bookmark

Helemaal mee eens? Of net helemaal niet? Klik hier en laat het ons weten op de discussion board van onze Facebook group!





Meer Indiestyle

foto copyright twitter

copyright facebook

 copyright last fm

Contact    |    Copyright 2008-2011 Indiestyle.be     |    Privacybeleid    |    Gebruiksovereenkomst